


|
www.Natuurblik.be |
|
Huismuis (Mus musculus) |

|
De Huismuis behoort zeker tot de meest bekende van alle knaagdieren. Zijn oorspronkelijke thuishaven was Azië, maar hij heeft zich reeds vele eeuwen, door hulp van de mens, over heel de wereld verspreid. De Huismuis is te herkennen aan zijn staart die langer is dan het lichaam en bestaat uit vele duidelijke ringen. Een ander herkenningspunt is de kleur van de vacht. Deze kent verschillende kleurvariëteiten (meestal grijsbruin), maar is altijd donkerder op de rugzijde dan op de buikzijde. Er is geen duidelijke overgang tussen de donkere en de lichtere vacht. Oorspronkelijk leefde de Huismuis buiten op het land en maakte hij zijn nest in ondergrondse zelf gegraven holletjes. Tegenwoordig echter leeft het grootste deel van onze populatie binnen in huizen, stallen en opslagruimtes. Slechts in de zomer of bij overbevolking leven ze nog buiten, maar daar kunnen ze in de winter niet overleven. Huismuizen verraden hun aanwezigheid door de muffe, sterke en onaangename geur die ze verspreiden. Verder laten ze overal urinesporen en zwarte uitwerpselen achter. Het nest wordt binnen gebouwd op verborgen plekjes en gemaakt van materiaal dat gemakkelijk te versnipperen is, zoals papier, stro, hout, enz... Huismuizen kunnen door hun grote vruchtbaarheid snel nieuwe plaatsen koloniseren. Elk wijfje kan tot zes keer per jaar vier tot twaalf jongen ter wereld brengen. Deze jonge muisjes zijn zelf al vruchtbaar na zes weken. Maar bij overbevolking treedt er bij de wijfjes een soort 'geboorteregeling' op. Door de stress blijft bij de jonge wijfjes de vagina gesloten en de baarmoeder onontwikkeld, waardoor deze onvruchtbaar zijn. Huismuizen zijn alleseters die zich vooral te goed doen aan graanproducten, maar vlees, kaas en zelfs producten als zeep staan ook op het menu. Verder knagen ze ook aan oneetbare zaken, dit doen ze om hun steeds groeiende tanden op lengte te houden. Deze foto heb ik genomen in de Prosperpolder, België (november '06). |